Bijzondere ontmoeting met

Bijzondere ontmoeting met Marijke

Marijke is eigenaar van Careconsult Thuiszorg. Zij en haar team werken écht vanuit het hart. Echte professionals maar zonder daarbij hun eigen identiteit en empathie te verliezen. Het belang van hun cliënt en hun familie staat namelijk altijd bovenaan.
In mei 2014 bevond mijn schoonmoeder, Louise Priem, zich in de laatste fase van haar leven hier op aarde. Marijke kwam in onze familie ten tijde dat de palliatieve zorg nodig was voor Louise. Zij bleek niet alleen voor mijn schoonmoeder, maar ook voor ons, een belangrijke schakel te zijn in het hele stervensproces.

Betrokken en met tomeloze energie en geduld stond zij dag en nacht voor ons klaar. Met bewondering heb ik aanschouwd hoe zij mijn schoonmoeder tot steun is geweest op fronten waarin wij, haar naasten, soms niet meer wisten hoe wij haar nog tot steun konden zijn. Want onmacht krijgt de overhand.

Marijke gaf ons alle tijd en ruimte voor ‘ons’ verdriet. Stond daar ook op. Tijd voor onszelf nemen. Dierbaren gaan door een proces van verdriet, woede en angst heen. Ook zij hebben steun en aandacht nodig. Al was het maar om de stervende volledig tot steun te kunnen zijn. En dát is iets wat ik van haar heb geleerd. Iedereen sterft namelijk een klein beetje mee.
Dierbaren ‘even vrijaf’ geven voor een paar uurtjes, al is het maar voor een kort blokje om. Zo kun je jezelf weer opladen voor de dagen of weken die komen. Totdat de dood haar intrede doet.

Zo reden mijn schoonvader en mijn man even naar het strand. Gooiden ze hun koppen in de wind, hebben even diep adem gehaald, geschreeuwd en goed gejankt. Zonder Louise met dit verdriet te belasten. Want haar zorgen om ons bleven, ondanks dat ze haar grootste strijd met de dood was aangegaan.
Enkele maanden later, na het overlijden van Louise schreef ze onderstaand verhaal op haar blog.

Marijke. Ik heb je voor altijd in mijn hart gesloten. Omdat jij met jouw liefde en toewijding de rauwe randjes van de laatste dagen van Louise hebt verzacht. Je was er voor haar maar óók voor ons. Omdat je die verdrietige periode geen zwart randje hebt gegeven, maar er een troostende herinnering van hebt gemaakt.

In liefdevolle herinnering aan Ann Louise Priem – Scott Pullan †

“Happy…”

De kennismaking met dit mooie mens staat me nog vers in het geheugen gegrift. Frêle, prachtig half lang haar. Rechtop in bed, hoog op in de kussens gelegen. Haar charmante Engelse tongval en het verdriet in haar ogen.

Een verkeerde inschatting van een huisarts in opleiding, daardoor was ze een een half jaar verloren, alvorens de infauste diagnose werd gesteld. Ze was de strijd toch nog aangegaan, moedig als ze was. Ze vertelde in tranen hoe ze was geschoffeerd in het ziekenhuis. Midden in de nacht jakkerde er een jonge arts-assistent binnen met de mededeling; ”Helemaal vergeten, maar als u tijdens de operatie niet meer wakker wordt, dan doen we verder niets meer aan u hoor”. En weg was het jonge ding weer… Huilend had ze haar man gebeld om in ieder geval haar verdriet te kunnen delen.

In loving memory of Ann Louise Priem – Scott Pullan †

Toen ik haar ontmoette was de tijd van palliatief beleid aangebroken. De aanvaarding was er zeker nog niet, en haar angst voor de dood was enorm. Tientallen malen vroeg ze me hoe de dood bij andere patiënten, die ik had verzorgd, was verlopen. Haar grootste angst was om levend gecremeerd te worden. Ik deed alles om haar gerust te stellen. Tussendoor was er ook de humor: ineens zag ze “een hond op het water lopen”. Nadat de Haldol deze beelden had gestopt voer er een bootje voor haar raam langs. Ze keek me met twinkelende ogen aan en zei; “dat bootje vaart er toch echt he??”
Als haar lieve echtgenoot even weg was vertelde ze hoeveel zorgen ze zich maakte om hem. Zou hij het wel redden? Ze vond het een geruststelling dat er een hond was. ”Dat houdt hem in het ritme.”

Iedere middag trof ze een stukje voorbereiding voor haar uitvaart. Ik zette haar in een stoel. Een plaid over het uitgeteerde lijfje, laptop op schoot en af en toe peinzend voor zich uit starend.
Zo nu en dan een vraag. ”Is het eng om opgebaard te zijn in ‘some kind of factory’?” (Haar benaming voor een rouwcentrum.) Of zal ik thuisblijven?

Kort voor haar dood was er nog een dilemma: haar leven was zo “happy” geweest; dat was wat ze mee wilde geven aan de bezoekers van haar uitvaart. Was het vreemd, zo vroeg ze, om het nummer Happy van Pfarrell Williams te laten spelen als de bezoekers langs haar kist zouden lopen ten afscheid?

Ze overleed in een weekend. De eigen huisartsen op vakantie en de HAP-artsen blonken uit in slechte overdracht, tot uit geloofsovertuiging niet mee willen werken aan terminale sedatie. Volkomen versuft moest en zou ze verklaren dat ze ondragelijke pijnen had, anders werd e.e.a. weer over het weekend getild. Ik zat naast haar op bed, ze had haar hand in de mijne. De arts stelde DE vraag. Een lange stilte volgde, die uren leek te duren. Ze kneep even in mijn hand en zuchtte: ja ik heb zoveel pijn. Mooi zo sprak de HAP-arts, dan gaan we u helpen. U wordt dus niet meer wakker he? Ze knikte flauwtjes en tot mijn grote verbazing gaf ze me een knipoogje. Alsof ze bedoelde te zeggen: zie zo geregeld!

Haar uitvaart was precies zoals zij dat gewenst had en bij het verlaten van de aula klonk haar ‘Happy’, want dat was ze geweest met allen die ze liefhad en die haar zo liefhadden. De dag na haar uitvaart lagen haar mooie bloemen buiten op het terrein van het crematorium. Tientallen witte vlindertjes dansten bovenop de bloemen. Soms staat je verstand dan even stil en stokt je adem.
Dag lieve patiënte van me, ik houd jouw lieve man in de gaten hoor en oh ja…Ik help hem herinneren dat hij regelmatig de keukendoeken verschoont, zoals jij me dat vroeg.

Voor meer ontroerende verhalen van Marijke, lees hier haar blog. https://careconsult.wordpress.com

↑ Top of Page