In gesprek met

FAMILIES AAN HET WOORD

Dag Dees,

Ik bedenk me net dat het vanavond 5 weken geleden is, dat het duidelijk werd dat mijn vrouw niet meer verder kon.
4 weken geleden, op oudejaarsavond, stapte jij in ons leven om ons te helpen haar een onvergetelijk mooi afscheid te geven.

Ik wil je bedanken dat je ons zo goed aanvoelde en met goede suggesties kwam,
om zo een waardig afscheid voor haar te maken.

Je ode aan haar was prachtig!

Dank en liefs, R.

FAMILIES AAN HET WOORD

Hallo Dees,

ik wil je graag bedanken voor alle aandacht die je mijn vader gegeven hebt. 

Het afscheid nemen was geweldig en heel ontroerend
hoe de achterkleinkinderen bij hun Opa samen de bril afdeden
voordat wij met elkaar de kist mochten dicht doen.
Ook de Dankdienst was erg fijn om dit met elkaar te mogen doen.

Ik wil je heel veel kracht wensen
voor het mooie maar moeilijke werk wat je doet.

Liefs van Thea de Groot

VERHALEN UIT MIJN PEN

KRIEBELENDE PANTY’S
KLEFFE ZOENEN

AFSCHEID MET ZWARTE RANDJES
De mannen gingen zoals gebruikelijk in 3-delig zwart. De vrouwen droegen hun zwierige lange rok met die kriebelende panty’s eronder. Ongemakkelijk schoven we over de houten kerkbankjes. Muisstil, want ik durfde als kind geen geluid te maken op zo’n moment. Wachtend op wat komen zou. Luisteren naar weer dezelfde toespraak die we altijd hoorden tijdens een uitvaart. Met weer dezelfde liederen van het koor die onverstaanbaar zijn geworden door de galmende echo. Dat zijn mijn belevenissen van uitvaarten zoals ik ze in mijn jeugd heb bijgewoond. 
Als die toespraken dan waren afgelopen, schoof je enigszins met opluchting aan de koffietafel. Steevast werd er dan een broodje kaas met tomatensoep of groentesoep geserveerd.  

OORVERDOVENDE STILTE
Ik kan mij als kind die oorverdovende stilte herinneren. Die galmde weergaloos door de ruimte.
Iedereen zat zijwaarts te fluisteren met zijn of haar tafelgenoot. Want iedereen sprak op fluisterende toon met zijn tafelgenoten. Waarom eigenlijk? Wat werd er gefluisterd? Moesten zij ook lachen om dat enorme gat in de panty van tante Corrie? Of om de grapjes die opa altijd uithaalde met iedereen? Mocht niemand horen dat je denkend aan die herinnering, zo moest lachen dat je bijna in je broek plaste van het lachen? Moest je op dagen als altijd bedroefd zijn? Mocht je dan echt niet lachen?
Is dat is de etiquette die hoort bij een uitvaart?  Veel verdriet, veel ongemak en vooral héél veel zwart?

NATTE WANGEN VAN KLEFFE ZOENEN
Een uurtje later had je kramp in de handen van al die handen schudden. Je wangen plakten van die veel te natte en kleffe zoenen van al die tantes die je niet kent.  Maar eindelijk mocht je dan naar huis. Verlost van die kriebelende panty’s en enorme hakken waarbij je je nek over zou breken. Op naar een nieuwe dag. Ditmaal zonder je geliefde. Want het leven gaat gewoon door, tóch?

Maar wíe was jij eigenlijk? Je hield ervan om bitterballetjes te eten met een lepeltje. Waarom hebben we díe dan niet gegeten? En Chardonnay dronk je  als water. Soms iets teveel. En al die mooie verhalen over je klunzigheid en je stomme grapjes. Want dat was jij ten voeten uit. Uren wandelde je door je geliefde bos. Waarom zaten we dan in zo’n kille ruimte? Ik had zo graag jouw leven gevierd. Want wat was ik blij dat ik je heb gekend en dat jij mijn leven zo hebt verrijkt. Ik ben verdrietig omdat ik je mis, maar de herinneringen aan jou zijn als pleisters voor mijn verdriet. Ik vergeet je nooit.

Je bent nog steeds heel dicht bij mij. Jij blijft bij me, ondanks dat ik je vandaag moest loslaten. Voor altijd houd ik je vast.

VERHALEN UIT MIJN PEN

MAG IK JE DOCHTER ZIJN PAPA?

2e Paasdag en het sneeuwt. Ik denk aan het liedje van mijn jeugdidool Prince ‘Sometimes it snows in April’, dat gaat over iets wat je niet verwacht en je toch kan overkomen.

Terwijl ik -moeizaam- de melodie probeer te herinneren, vullen mijn ogen zich met dikke tranen.
Krampachtig probeer ik ze tegen te houden, maar het lukt me niet. Ongegeneerd laat ik ze maar rollen want jij bent overleden.

MIJN PAPA
Jij. Mijn papa, jij bent nu dood.
Twee jaar oud was ik, toen je vertrok. Ik bleef altijd op zoek naar jou. Als klein kind draaide ik mijn hoofd om naar elke Indische man die ik op straat zag. ‘Zou dat mijn vader zijn?’ ging er dan door mijn kinderkopje.

Tien jaar geleden heb ik je toch ontmoet. De weerspiegeling van mijzelf toen ik je zag, was schokkend. Als halfbloed heb ik niets van de Indische cultuur in mijn opvoeding meegekregen. Ik voelde me zó Hollands. Maar door jouw aanwezigheid kon ik mijn Indische roots niet meer ontkennen. Ik herkende zoveel van mijzelf in jou.

We hebben enkele maanden geprobeerd om nader tot elkaar te komen. Hierin faalden we grandioos. Je verdween weer. Ditmaal voorgoed. Ik was boos en verdrietig, maar stopte het gevoel weer weg; tenslotte was je een vreemde voor me.

HET LEVEN VORMT ONS
Jaren laten koos ik voor dit mooie vak in de uitvaart. Menig families heb ik begeleid en ik zag met regelmaat gelijksoortige situaties voorbij komen. Als bemiddelaar laveer ik daaromheen en vel daarbij geen oordeel. Want elk verhaal kan anders worden belicht. Tenslotte worden we gevormd door wat het leven ons brengt.
Mensen die de oorlog hebben meegemaakt zien de wereld ook niet meer door een roze bril. Die gebeurtenissen vormen de mens. Er blijven littekens achter die vaak zorgvuldig worden verborgen.
Het is mijn taak om onbevooroordeeld te zijn en daarom wordt elke overledene door mij even zorgvuldig en respectvol behandeld. Zonder oordeel. Want dat verdient elk mens. Ook jij. Met diezelfde liefdevolle gedachte, denk ik nu ook aan jou.
 
Mijn werk heeft mij milder gestemd in mijn oordeel over jou. Het leven loopt zoals het loopt. Zo ook jouw leven. Wellicht was er bij jou sprake van schaamte, pijn en verdriet en durfde je me niet nogmaals onder ogen te komen. Ik weet het niet. Maar zullen we het samen nog één keertje proberen? Want ik ben écht niet meer boos op je papa.

BLIJF JE BIJ ME?
Mag ik je dan alsjeblieft opnieuw leren kennen? Vertel je mij dan wie jij bent en wat jou beweegt? En vertel je me alles over opa & oma en Indonesië. Voor heel eventjes wil ik graag jouw dochter zijn. Wil jij dan zeggen dat je van me houdt en dat je nu voor altijd bij me blijft?

Peter

* Jakarta, 25 oktober 1949   –   † Rotterdam, 5 april 2021

FAMILIES AAN HET WOORD

Beste Dees,

Je hebt onze familie uitstekend begeleid. Jij snapte met een half woord wat wij bedoelden,
en bood -indien nodig- passende alternatieven. Jij kon de familie ‘lezen’.
Je maakte de uitvaart af door je aandacht voor de details (o.a. de zakdoekjes). Complimenten voor je werk.
Deze intense week is onder jouw begeleiding een mooi afscheid van onze moeder geweest.

Dank voor al je inzet.

Kees en Hester

FAMILIES AAN HET WOORD

Bijna een jaar geleden ging mijn vader dood. Zomaar, ineens. Vlak voor het slapen gaan.
Op dat moment lag ik ruim 200 km verderop op mijn Yogamat en kreeg het benauwd;
ik had moeite met ademhalen. Later bleek dat zijn sterftijd te zijn.
En dan? Wat moet je dan?  De enige die dit wist, was een vrouw die ik daarvoor nooit eerder had gezien.
Een vrouw die mij heeft geholpen te begrijpen wat nodig was.
Geholpen heeft overeind te blijven staan. Geholpen heeft om dat te doen wat nodig was.

Dees, ik zal je nooit vergeten. Jij zorgde voor de ruimte die ik nodig had in een tijd waar alles leek stil te staan.
Ruimte om deze afscheidsbrief te schrijven voor mijn vader.

Liefs Malanca

Note: Wil je graag de bijzondere afscheidsbrief van Malanca lezen?
Je vindt hem hier:
BIJZONDERE ONTMOETING MET MALANCA

BIJZONDERE ONTMOETING MET MALANCA

Malanca heeft na het overlijden van haar vader veel twijfels gehad om hem nog te bezoeken. Ze besloot toch te gaan kijken. Dit moment werd een bijzondere ontmoeting die zij heeft vertaald naar een prachtig verhaal. Omdat dit verhaal zo bijzonder en inspirerend is, mag ik haar verhaal delen.

‘Bijna een jaar geleden ging mijn vader dood. Zomaar, ineens. Vlak voor het slapen gaan.
Op dat moment lag ik ruim 200 km verderop op mijn Yogamat en kreeg het benauwd; ik had moeite met ademhalen.

Later bleek dat zijn sterftijd te zijn. En dan? Wat moet je dan? 
De enige die dit wist, was een vrouw die ik daarvoor nooit eerder had gezien. Een vrouw die mij heeft geholpen te begrijpen wat nodig was. Geholpen heeft overeind te blijven staan. Geholpen heeft om dat te doen wat nodig was. Dat was Dees.

Dees, ik zal je nooit vergeten. Jij zorgde voor de ruimte die ik nodig had in een tijd waar alles leek stil te staan. Ruimte om deze afscheidsbrief te schrijven voor mijn vader.’

PAPA

En toen ineens….. was je dood. Nu ben je dood. Want de dood kent geen verleden tijd. De dood komt…..en gaat niet meer weg. De dood blijft voor eeuwig en altijd.

Lang heb ik getwijfeld of ik naar je zou gaan kijken. Naar je lichaam zou gaan kijken. Voor zover ik lang kon twijfelen, want tijd was in deze mijn grootste vijand. Althans dat voelde zo. Want wat als ik niet snel genoeg een keuze zou maken? Niet snel genoeg zou kunnen beslissen of ik naar jou zou gaan kijken?

Ik sliep er een nachtje over; ik waakte er een nachtje over.
En tenslotte ben ik gegaan. Je lag daar in een kamer. Smaakvol ingericht. Ik trof je in een kist achter een half transparant gordijn. Niet in je rode stoel. Met al je spulletjes binnen handbereik. Je slippers. Die zwarte leren slippers, waar je sinds ik me kan herinneren al op liep. Je schoenen om auto mee te rijden. De kruimeldief. Je hield van netjes en van opgeruimd. Je bril, je puzzelboekjes, een prullenbak. De afstandsbediening van de TV.

Je zakdoek. Voor als Janny, je grote liefde, je ogen druppelde. Je ogen druppelde met liefde, met heel veel liefde. En dan depte jij, met die zakdoek, de restjes druppel af die als zoete tranen langs je gezicht naar beneden liepen.

Achter een half transparant gordijn keek ik naar je lichaam. Ik stond daar te kijken en te wachten tot ik je zou herkennen. Tot ik mijn papa zou zien. Er gebeurde niets. Het lukte me niet je te zien. Je te herkennen. In plaats van dat ik afscheid van je nam, ontstond daar, daar achter dat half transparante gordijn; daar ontstond een ontmoeting.

Je lichaam heb ik niet meer nodig om samen met je te zijn. Je bent nu heel dicht bij me. Lopen dat ging niet meer zo goed. Je lijf had jou al in de steek gelaten. Je was beperkt in waar je ging en in wat je deed. Maar nu niet meer. Dat lijf heb jij niet meer nodig. Dat lijf hebben wij niet meer nodig.

Dus papa, zullen we binnenkort eens samen gaan dansen. Gewoon omdat het weer kan. Samen dansen op muziek die we niet hoeven te horen. Muziek die ons meevoert naar daar waar we willen zijn. Papa, laten we dansen onder de sterren. Bij mij daar in Zeeland. Daar is de sterrenhemel zo mooi.


En laten we dan ook naar het strand gaan. Met onze blote pootjes in het zand. Dan voel ik wel voor jou hoe fijn dat is. Hoe fijn het is het warme zand tussen je tenen te voelen.

Als jij dan met mij….. en als ik dan met jou…. dan kunnen we samen.

En papa, kom je me dan ook helpen in mijn nieuwe huis? Er moet nog zoveel gebeuren. Vorige week belde je me nog. En vroeg je of ik wel voldoende hulp had voor deze enorme verbouwing. Je zou zo graag zelf komen helpen. Maar dat ging niet meer. Jouw lichaam kon dat niet meer.

Dus papa, als ik van de week daar weer klussen ga, kom je me dan helpen? Dat we dan samen de deuren passend maken. Want daar ben jij beter in dan ik. Dan doen we koffie op plastic stoeltjes en kunnen we samen genieten van het wit geschilderde plafond. Het is echt prachtig geworden. Je zou zo trots op me zijn. Trots op jouw kleine meid.


Toen ik voor het eerst op kamers ging. Kreeg ik van jou een gereedschapskist. Noodzaak vond je dat. Als klein meisje werd ik al door jou op je werkbank in de schuur getild. Dan keek ik naar hoe jij een fiets demonteerde, tot op de kleinste kogeltjes uit de lagers van het wiel. Hoe je die dan schoon maakte en opnieuw met lagervet insmeerde. Ik keek hoe jij een lekke fietsband plakte. Ik keek en ik leerde.
Want vele jaren later, toen ik studeerde en woonde in een studentenhuis, was ik degene die voor al mijn huisgenoten de banden plakte en hun fietsen repareerde. Gewoon omdat ik het kon. En ook wanneer er een plank opgehangen moest worden of wanneer we last hadden van een lekkende kraan, pakte ik mijn gereedschapskist en deed wat ik van jou had geleerd. Het hoorde bij mijn opvoeding.

Papa, zullen we gaan spelen met de golven? De golven en de zee. Dat we dan net zo lang wachten tot het water bij ons komt en we moeten rennen om niet nat te worden. Dan laten we ons vallen in het zand. Wat zullen we dan lachen hé Pap. En dat we daarna warme chocomelk drinken. Met rum. En dan vragen we om extra veel slagroom.

Dan wil ik daarna best alleen naar huis. Als je me belooft dat je bij me blijft in gedachte en me vasthoudt wanneer het nodig is.

– Malanca

VERHALEN UIT MIJN PEN

BRIEVENBUSGELUK

Op een zonnige ochtend rinkelt mijn telefoon. Het is een keurige dame op leeftijd, die vraagt om mijn hulp. Haar man is zojuist overleden en ze weet niet zo goed wat ze moet doen. Het overlijden van haar geliefde heeft haar duidelijk overvallen. Verdrietig geeft ze toe dat de dood onbesproken is gebleven met haar geliefde. En nu de dood zo dichtbij is, is ze onthand. Ik stel voor dat ik direct in de auto stap en naar haar toe kom.

RUIMTE VOOR KWETSBAARHEID
In een statig woonhuis word ik hartelijk ontvangen. Ik krijg een prachtig, kwetsbaar porseleinen kopje met thee in mijn handen gedrukt en besluit om haar eerst de ruimte te geven om haar hart te luchten.

Moedig houdt ze zich groot, toch laat ze ook af en toe een traan. Ik neem alle tijd voor haar en haar kwetsbaarheid. Geleidelijk neem ik haar stapje voor stapje mee in een voor haar onbekende wereld. Elke keuze wordt zorgvuldig afgewogen en bezegeld met: “Ja, dát zou hij fijn hebben gevonden.”

IN AFWACHTING VAN
Aangezien hij voor veel mensen van betekenis was, komt er een mooie kennisgeving in de landelijke dagbladen. Uitgebreid nemen we ook hier de tijd voor. Uit elk laatje van haar secretaire haalt ze wel een rouwadvertentie die zij in de loop van de jaren verzameld heeft. Allemaal personen die voor haar van betekenis zijn geweest of indruk hebben gemaakt in haar eigen bloeiende carrière. Ineens worden die kennisgevingen voorbeelden voor haar. Voorbeelden van hoe zij graag de advertentie zou willen opstellen. Het eindresultaat is prachtig. Een advertentie die siert in zijn eenvoud. De advertentie wordt naar de krant gestuurd in afwachting van… Ja, in afwachting van wat eigenlijk?

BUNDELTJE HERINNERINGEN
De postbode kreeg het druk. Dagelijks vulde de brievenbus zich met de ene na de andere mooie handgeschreven enveloppe. Als ik haar enkele dagen na de uitvaart bel met de vraag hoe het met haar gaat, kan ze een kleine glimlach niet onderdrukken.

“Dees” zei ze; “Ik krijg zoveel ontzettend lieve brieven en kaarten. Uit onverwachte hoek en zelfs van mensen die ik niet ken. Het doet mij zo enorm goed. Brieven vol karakterschetsen die ik natuurlijk herken. Maar ook zoveel, voor mij, onbekende anekdotes. Het geeft mij zoveel troost en kracht. Ik had geen flauw benul dat dit met een rouwadvertentie zo werkte.”

Elke avond ging ze naar bed met een bundeltje herinneringen. Dan openende ze één voor één die prachtige enveloppen en viel in slaap met mooie -nieuwe- herinneringen aan haar geliefde echtgenoot. Maar niet zonder de plechtige belofte aan haarzelf, dat zij vanaf nu ook brieven gaat schrijven om haar mooie herinneringen te delen met hen die eenzelfde verlies lijden.

FAMILIES AAN HET WOORD

Voor mijn man overleed, hebben we reeds uitgebreid contact gehad met Dees.
We hadden direct een geweldige klik en konden nog samen onze wensen bespreken. Zo fijn!
Vooral Dees kwam met heel mooie ideeën, waar wij het bestaan niet van kenden, zoals bv een rouwbus.
Met de naaste gasten en mijn man allen tezamen in plaats auto’s achter elkaar.
Hoe mooi kun je het hebben. 

Niet alleen op de dag zelf, maar ook in de dagen/weken daarna, Dees zorgde dat alles tot in de puntjes geregeld was.
Het was een heel warm en fijn contact!

Marianne van Wijnen-Scholtes

↑ Top of Page