Verhalen uit mijn pen

VERHALEN UIT MIJN PEN

MIJN JASJE GAAT STEEDS BETER ZITTEN

Op 1 februari 2020 stopte onze verhuiswagen op de Hoofdstraat. De liefde bracht mij naar deze omgeving en daarvoor liet ik 47 jaar Arnhem achter. Het achterlaten van mijn vertrouwde omgeving ging gepaard met een traantje, maar ik troostte mij met de gedachte dat ik hier mijn dromen kon waarmaken. Hier zou ik mijn eigen uitvaartonderneming starten.

ARNHEMSE MEISJES
Mijn logo lag in Arnhem al klaar. Nu konden de visitekaartjes worden gedrukt, mijn website kon worden afgemaakt en advertentieruimte werd ingekocht.
Weken zocht ik naar de namen en telefoonnummers van iedereen met wie ik zou kunnen gaan samenwerken. Ik had mijn auto gevuld met dozen ‘Arnhemse Meisjes’  [er-num-se’ meisjes], een lokale lekkernij.  Die zou ik als kennismaking aanbieden aan alle samenwerkende partners.

Vol goede moed nam ik contact op met o.a. de plaatselijke kerken. Ik wilde vooraf mijn gezicht laten zien en niet op het ‘moment suprême’. Ik kreeg een koster aan de telefoon, stelde mij netjes voor en vertelde waarvoor ik hem belde.
“Jij hebt lef” was het eerste wat hij tegen mij zei. “Er zijn hier al zoveel dames zoals jij, de markt is aardig verzadigd.” Ik liet mijn kop niet hangen door deze opmerking en maakte desondanks een afspraak met hem. We deden een rondje in de kerk, genoten van een kopje koffie, kletsten wat en namen tenslotte afscheid van elkaar. Echter, voordat ik vertrok wilde hij me toch laten weten dat hij aangenaam verrast was met mijn kennismaking. Niet eerder had een ondernemer de moeite genomen om vooraf eens kennis te maken. Hij wenste mij oprecht succes.

GELOOF IN JEZELF
De eerste maanden zag ik het somber in. De telefoon bleef angstvallig stil. Kreeg de koster dan toch gelijk? Was er voor mij geen ruimte meer in het dorp?
Na 3 maanden kwam eindelijk het eerste verzoek om een familie bij te staan. Niet lang daarna nog een, en nog een. Het werd druk. De telefoon bleef maar gaan. Ik was verbaasd maar ook verheugd.

Nu ruim 15 maanden verder, hebben vele families uit het dorp én omliggende steden, hun weg naar mij gevonden. Zoveel meer dan ik ooit had durven dromen. Mooie persoonlijke uitvaarten waarbij het leven centraal staat, heb ik mogen begeleiden. Met alle ruimte voor eigen wensen en tijd en aandacht van mij, want daar sta ik voor.

LEIDERDORP WAT BEN JE MOOI
Ik leerde veel en groeide als ondernemer. De onderneming werd ook écht míjn onderneming. Vergelijk het met een leren jasje dat naarmate je het langer draagt; het gaat steeds lekkerder zitten.

Nu dat ‘jasje’ zo lekker zit, hoort daar niet alleen een nieuwe foto bij maar ook een nieuw logo. Ontworpen door een plaatselijke grafische vertaler. Want ik draag de lokale ondernemers een warm hart toe. Net als alle families uit het dorp die mij wisten te vinden. Ik ben ze enorm dankbaar voor het vertrouwen in mij.

Daarmee is Leiderdorp ‘mijn’ dorp geworden. Ik voel me hier thuis.

VERHALEN UIT MIJN PEN

KRIEBELENDE PANTY’S
KLEFFE ZOENEN

De mannen gingen zoals gebruikelijk in 3-delig zwart. De vrouwen droegen hun zwierige lange rok met die kriebelende panty’s eronder. Ongemakkelijk schoven we over de houten kerkbankjes. Muisstil, want ik durfde als kind geen geluid te maken op zo’n moment. Wachtend op wat komen zou. Luisteren naar weer dezelfde toespraak die we altijd hoorden tijdens een uitvaart. Met weer dezelfde liederen van het koor die onverstaanbaar zijn geworden door de galmende echo. Dat zijn mijn belevenissen van uitvaarten zoals ik ze in mijn jeugd heb bijgewoond. 
Als die toespraken dan waren afgelopen, schoof je enigszins met opluchting aan de koffietafel. Steevast werd er dan een broodje kaas met tomatensoep of groentesoep geserveerd.  

OORVERDOVENDE STILTE
Ik kan mij als kind die oorverdovende stilte herinneren. Die galmde weergaloos door de ruimte.
Iedereen zat zijwaarts te fluisteren met zijn of haar tafelgenoot. Want iedereen sprak op fluisterende toon met zijn tafelgenoten. Waarom eigenlijk? Wat werd er gefluisterd? Moesten zij ook lachen om dat enorme gat in de panty van tante Corrie? Of om de grapjes die opa altijd uithaalde met iedereen? Mocht niemand horen dat je denkend aan die herinnering, zo moest lachen dat je bijna in je broek plaste van het lachen? Moest je op dagen als altijd bedroefd zijn? Mocht je dan echt niet lachen?
Is dat is de etiquette die hoort bij een uitvaart?  Veel verdriet, veel ongemak en vooral héél veel zwart?

NATTE WANGEN VAN KLEFFE ZOENEN
Een uurtje later had je kramp in de handen van al die handen schudden. Je wangen plakten van die veel te natte en kleffe zoenen van al die tantes die je niet kent.  Maar eindelijk mocht je dan naar huis. Verlost van die kriebelende panty’s en enorme hakken waarbij je je nek over zou breken. Op naar een nieuwe dag. Ditmaal zonder je geliefde. Want het leven gaat gewoon door, tóch?

Maar wíe was jij eigenlijk? Je hield ervan om bitterballetjes te eten met een lepeltje. Waarom hebben we díe dan niet gegeten? En Chardonnay dronk je  als water. Soms iets teveel. En al die mooie verhalen over je klunzigheid en je stomme grapjes. Want dat was jij ten voeten uit. Uren wandelde je door je geliefde bos. Waarom zaten we dan in zo’n kille ruimte? Ik had zo graag jouw leven gevierd. Want wat was ik blij dat ik je heb gekend en dat jij mijn leven zo hebt verrijkt. Ik ben verdrietig omdat ik je mis, maar de herinneringen aan jou zijn als pleisters voor mijn verdriet. Ik vergeet je nooit.

Je bent nog steeds heel dicht bij mij. Jij blijft bij me, ondanks dat ik je vandaag moest loslaten. Voor altijd houd ik je vast.

VERHALEN UIT MIJN PEN

MAG IK JE DOCHTER ZIJN PAPA?

2e Paasdag en het sneeuwt. Ik denk aan het liedje van mijn jeugdidool Prince ‘Sometimes it snows in April’, dat gaat over iets wat je niet verwacht en je toch kan overkomen. Terwijl ik -moeizaam- de melodie probeer te herinneren, vullen mijn ogen zich met dikke tranen. Krampachtig probeer ik ze tegen te houden, maar het lukt me niet. Ongegeneerd laat ik ze maar rollen want jij bent overleden.

MIJN PAPA
Jij. Mijn papa, jij bent nu dood.
Twee jaar oud was ik, toen je vertrok. Ik bleef altijd op zoek naar jou. Als klein kind draaide ik mijn hoofd om naar elke Indische man die ik op straat zag. ‘Zou dat mijn vader zijn?’ ging er dan door mijn kinderkopje.

Tien jaar geleden heb ik je toch ontmoet. De weerspiegeling van mijzelf toen ik je zag, was schokkend. Als halfbloed heb ik niets van de Indische cultuur in mijn opvoeding meegekregen. Ik voelde me zó Hollands. Maar door jouw aanwezigheid kon ik mijn Indische roots niet meer ontkennen. Ik herkende zoveel van mijzelf in jou.

We hebben enkele maanden geprobeerd om nader tot elkaar te komen. Hierin faalden we grandioos. Je verdween weer. Ditmaal voorgoed. Ik was boos en verdrietig, maar stopte het gevoel weer weg; tenslotte was je een vreemde voor me.

HET LEVEN VORMT ONS
Jaren laten koos ik voor dit mooie vak in de uitvaart. Menig families heb ik begeleid en ik zag met regelmaat gelijksoortige situaties voorbij komen. Als bemiddelaar laveer ik daaromheen en vel daarbij geen oordeel. Want elk verhaal kan anders worden belicht. Tenslotte worden we gevormd door wat het leven ons brengt.
Mensen die de oorlog hebben meegemaakt zien de wereld ook niet meer door een roze bril. Die gebeurtenissen vormen de mens. Er blijven littekens achter die vaak zorgvuldig worden verborgen.
Het is mijn taak om onbevooroordeeld te zijn en daarom wordt elke overledene door mij even zorgvuldig en respectvol behandeld. Zonder oordeel. Want dat verdient elk mens. Ook jij. Met diezelfde liefdevolle gedachte, denk ik nu ook aan jou.
 
Mijn werk heeft mij milder gestemd in mijn oordeel over jou. Het leven loopt zoals het loopt. Zo ook jouw leven. Wellicht was er bij jou sprake van schaamte, pijn en verdriet en durfde je me niet nogmaals onder ogen te komen. Ik weet het niet. Maar zullen we het samen nog één keertje proberen? Want ik ben écht niet meer boos op je papa.

BLIJF JE BIJ ME?
Mag ik je dan alsjeblieft opnieuw leren kennen? Vertel je mij dan wie jij bent en wat jou beweegt? En vertel je me alles over opa & oma en Indonesië. Voor heel eventjes wil ik graag jouw dochter zijn. Wil jij dan zeggen dat je van me houdt en dat je nu voor altijd bij me blijft?

Peter

* Jakarta, 25 oktober 1949   –   † Rotterdam, 5 april 2021

VERHALEN UIT MIJN PEN

BRIEVENBUSGELUK

Op een zonnige ochtend rinkelt mijn telefoon. Het is een keurige dame op leeftijd, die vraagt om mijn hulp. Haar man is zojuist overleden en ze weet niet zo goed wat ze moet doen. Het overlijden van haar geliefde heeft haar duidelijk overvallen. Verdrietig geeft ze toe dat de dood onbesproken is gebleven met haar geliefde. En nu de dood zo dichtbij is, is ze onthand. Ik stel voor dat ik direct in de auto stap en naar haar toe kom.

RUIMTE VOOR KWETSBAARHEID
In een statig woonhuis word ik hartelijk ontvangen. Ik krijg een prachtig, kwetsbaar porseleinen kopje met thee in mijn handen gedrukt en besluit om haar eerst de ruimte te geven om haar hart te luchten.

Moedig houdt ze zich groot, toch laat ze ook af en toe een traan. Ik neem alle tijd voor haar en haar kwetsbaarheid. Geleidelijk neem ik haar stapje voor stapje mee in een voor haar onbekende wereld. Elke keuze wordt zorgvuldig afgewogen en bezegeld met: “Ja, dát zou hij fijn hebben gevonden.”

IN AFWACHTING VAN
Aangezien hij voor veel mensen van betekenis was, komt er een mooie kennisgeving in de landelijke dagbladen. Uitgebreid nemen we ook hier de tijd voor. Uit elk laatje van haar secretaire haalt ze wel een rouwadvertentie die zij in de loop van de jaren verzameld heeft. Allemaal personen die voor haar van betekenis zijn geweest of indruk hebben gemaakt in haar eigen bloeiende carrière. Ineens worden die kennisgevingen voorbeelden voor haar. Voorbeelden van hoe zij graag de advertentie zou willen opstellen. Het eindresultaat is prachtig. Een advertentie die siert in zijn eenvoud. De advertentie wordt naar de krant gestuurd in afwachting van… Ja, in afwachting van wat eigenlijk?

BUNDELTJE HERINNERINGEN
De postbode kreeg het druk. Dagelijks vulde de brievenbus zich met de ene na de andere mooie handgeschreven enveloppe. Als ik haar enkele dagen na de uitvaart bel met de vraag hoe het met haar gaat, kan ze een kleine glimlach niet onderdrukken.

“Dees” zei ze; “Ik krijg zoveel ontzettend lieve brieven en kaarten. Uit onverwachte hoek en zelfs van mensen die ik niet ken. Het doet mij zo enorm goed. Brieven vol karakterschetsen die ik natuurlijk herken. Maar ook zoveel, voor mij, onbekende anekdotes. Het geeft mij zoveel troost en kracht. Ik had geen flauw benul dat dit met een rouwadvertentie zo werkte.”

Elke avond ging ze naar bed met een bundeltje herinneringen. Dan openende ze één voor één die prachtige enveloppen en viel in slaap met mooie -nieuwe- herinneringen aan haar geliefde echtgenoot. Maar niet zonder de plechtige belofte aan haarzelf, dat zij vanaf nu ook brieven gaat schrijven om haar mooie herinneringen te delen met hen die eenzelfde verlies lijden.

VERHALEN UIT MIJN PEN

VLIEG MOOIE VOGEL, VLIEG!

Op een koude en regenachtige avond belde ik bij je aan. Jouw deur ging open en ik kwam binnen in -zoals je dochter het later benoemde- een kippenhok. Jouw enorme bonte keuken was gevuld met bijna een elftal aan -volwassen- kinderen. Je had hen enkele ogenblikken daarvoor verteld wanneer jij zou sterven. Want jij had alles al zorgvuldig uitgedacht.

We namen plaats in je kleurrijke woonkamer en jij nestelde je op een van de vele banken met aan weerszijden jouw kroost. Ze nestelden zich naast je alsof ze allemaal nog even op je schoot wilden zitten. Als een ‘Moeder Gans’ spreidde jij je vleugels alsof je daarmee jouw kuikens onder je hoede nam.

OOGVERBLINDEND
Ondanks de sombere regenachtige avond scheen de zon in de kamer. Waarom? Ik kon er toen nog niet mijn vinger op leggen. Later, tijdens jouw uitvaart, toen Herbert Grönemeyer het in zijn liedje ‘Der Weg’ zong, zou blijken waarom. “Du hast jeden Raum mit Sonne geflutet.” En zo was het. Je vulde de ruimte met de warmte van jouw zonnestralen.

Je was ziek. Niet zomaar ziek, niet heel ziek, maar doodziek. Behandeling zou je misschien wat verlenging geven, maar zeker geen kwaliteit van leven. Niemand was dan ook verbaasd toen je besloot geen behandeling te accepteren. In plaats daarvan had jij je eigen weg gekozen. De dag stond vast waarop jij liefdevol jouw kuikens in de grote wijde wereld zou loslaten en jij zou wegvliegen. Want jij had jouw -te korte- leven écht geleefd. Dus het was goed zo vond jij.

Vijf dagen later stierf je. Met je hoofd op schoot van je geliefde, omringd door al je kuikens.

JOUW FEEST, JOUW FESTIVAL
Je uitvaart werd een Vaarwel Festival, compleet met VW-campertjes, festivalbandjes en vuurkorven. Jouw kist stond tussen de hooibalen, omringd door Mariabeelden en een zee aan kaarsen. Jouw poriën ademden festival, dus jouw afscheid moest een festival worden, daar bestond geen enkele twijfel over. Met veel muziek, drank en heel veel mooie herinneringen. Ik stond aan de zijlijn en keek -soms met een brok in mijn keel- toe hoe iedereen vertelde hoezeer jij hun leven hebt verrijkt. Hoe jouw zonnestralen hun harten verwarmden.

Alle superlatieven doen te kort aan jouw karakter. Jouw hart was immens groot met ruimte voor iedereen. Maar vooral voor jouw kuikens.
Met succes bouwde je voor jezelf en je gezin een liefdevol warm nest met ook plek voor hier en daar een verdwaalde, vreemde vogel.  

HET PARADIJS
Je was geen Moeder Gans -die benaming doet je écht tekort- maar de mooiste Paradijsvogel die ik óóit heb gezien. En zoals iedere vogel zijn eigen lied zingt, zong ook jij je eigen lied: Geniet, want het leven is het waard!

Dag mooi-kleurrijk-moedig mens! Vlieg het Paradijselijke Festival tegemoet.

VERHALEN UIT MIJN PEN

WIST JE DAT…

…veel mensen denken dat je na een overlijden zo snel mogelijk de uitvaartondernemer moet bellen? Maar dat jij als nabestaande beslist, wanneer jíj er klaar voor bent om contact op te nemen met de (huis)arts en de uitvaartondernemer.  

Neem eerst tijd voor jezelf en voor elkaar. En neem vooral alle tijd om afscheid te nemen van de overledene. Want dit is zo belangrijk voor de rouwverwerking.  

(BIJ)ZONDER(E) UITVAART
Een paar maanden geleden werd ik gebeld door een meneer die heel duidelijk voor ogen had wat er met hem moest gebeuren na zijn overlijden. Het was zijn uitdrukkelijke wens om na zijn overlijden dírect te worden opgehaald. Er mocht geen aandacht besteed worden aan zijn overlijden en een uitvaart was al helemaal uit den boze. Zodra het na de ‘maatregelen’ weer is toegestaan, zal zijn familie bij elkaar komen om hem te eren. Zo kunnen ze vieren wie hij als individu is en wat hem zo uniek maakt voor die mensen die van hem houden. Een uitzonderlijke, maar zeker geen onmogelijke wens. 

 ”Het leven is wat je viert. Alles. Zelfs het einde ervan.”  

 Joanne Harris uit ‘Chocolat’ 

RUST IS HET SLEUTELWOORD 
Samen gaven we vorm aan de wensen die hij wel had. Hij had dit al uitvoerig met zijn vrouw en kinderen besproken en ook zij stonden achter zijn keuze. 

Aan het einde van dit bijzondere telefoongesprek, drukte ik hem nog op het hart, dat als het moment daar zou zijn, zijn gezin alle tijd had om afscheid van hem te nemen alvorens ze mij zouden bellen. Er is namelijk geen haast. Neem vooral de tijd om afscheid te nemen.  

INSTINCTIEF
Toch belde zijn vrouw mij direct na zijn overlijden. Dat had de medische zorg haar opgedragen. En zij volgde braaf de instructies op. Ik arriveerde een uurtje later en instinctief voelde ik dat zijn vrouw en kinderen nog lang niet klaar waren om definitief afscheid van hem te nemen.   

Ik gaf ze wat extra tijd en nestelde me onzichtbaar in een hoekje met een kopje thee en gaf ze rust en ruimte om in hun tempo afscheid te nemen van hun man en vader. Pas enkele uren later begeleidde ik meneer naar het crematorium. De familie die ik achterliet, had alle ruimte gekregen voor hún verdriet en hún afscheid. 

NEEM DE TIJD
Je kunt maar één keer afscheid nemen van een geliefde, en dat begint direct na het overlijden. Een mooi afscheid, waarbij je de tijd hebt gekregen – genomen – die nodig is, is onderdeel van het helingsproces. Het maakt het verdriet niet minder erg, maar wel draaglijker. Neem daarom dan ook rustig je tijd, alvorens je alle hulptroepen inschakelt.

VERHALEN UIT MIJN PEN

IK KERST-MIS JOU

VAN MOETEN NAAR ONT-MOETEN
Jaren geleden schreef ik een artikel over mijn man. Hoe wij elkaar, inmiddels bijna 10 jaar geleden, hebben ontmoet.
In die 10 jaar bleef hij, onvermoeibaar en zoveel eerder dan ik dat deed, durfde of kon, de rivier oversteken. Van zijn oever naar de mijne. Zijn hand bleef uitsteken om mij te blijven ontmoeten.
Letterlijk ont-moeten. Want wat moest ik toch veel van mezelf, en wat moest hij toch weinig.

Ik denk dat er geen twee mensen zo verschillend zijn, zoals wij dat zijn. En dat ont-moeten heb ik echt geleerd van hem.
Achteraf gezien was ik als kind best wel dwars als ik het woordje ‘moeten’ hoorde. Ik kon me (en nog steeds) ergeren aan het opvolgen van regels, gewóón omdat het zo van ons in de maatschappij verwacht wordt. Neem nou bijvoorbeeld de Kerst.

IT’S ALL ABOUT DNA
Vroeger was mijn moeder al weken in de weer om een uitgebreid Kerstmaal te bereiden. Weken zat ze vol in de stress en was ze niet te genieten. En waarom? Voor die ene avond waarbij we allemaal ‘gezellig’ bij elkaar moeten zitten? Na 3 weken in haar nabijheid voorafgaande de Kerst vond ik het lastig om op Kerstavond gezellig te doen. De ergernissen in huis, hadden mijn plezier in een fijne Kerstavond verpest. -Sorry Mam-

Maar zoals dat nou eenmaal werkt met DNA, bleek ook ik een complete stressbom voor de Kerst. Totdat ik mijn lief ontmoette en leerde te ont-moeten. Al jaren vieren wij een ontspannen en vrijblijvende Kerst. Onze kinderen komen wanneer het hún uitkomt en er is een goede cateraar om de hoek, dus voor mij geen stress meer.
Want ik gun mijn kinderen een ontspannen Kerst en mijzelf dus ook.

KERSTGEMIS
Nu anno 2020 de Corona-Kerst in aantocht is, voel ik heimwee. Heimwee naar de Kerst uit mijn jeugd. Naar alle stress in de voorbereiding naar Kerstavond. Naar een diner waar met liefde en zorg aan is gewerkt. (Want uiteindelijk is dat wat mijn moeder natuurlijk deed. Liefde gaat tenslotte door de maag.) Naar de verplichting om bij elkaar te zijn. Naar het opdoffen van mijzelf, de rommel in de keuken en vuilniszakken vol kerstpapier. Want jongens… wat mis ik mijn kinderen dit jaar.

Juist in deze Corona-tijd, voel ik het verlangen om mijn kinderen ‘te verplichten’ om aan de Kerstdis te zitten. Maar het gáát nou eenmaal niet. En daar leg ik me bij neer. Dus óók dit jaar geen Kerststress voor mij. Maar samen met mijn lief. Met een paar extra kaarsjes die ik brand voor al mijn overleden dierbaren en mijn telefoon aan de oplader voor alle extra Facetime momenten met mijn kinderen.

Ik wens jullie allemaal fijne feestdagen toe met heel veel lichtpuntjes en warmte. Blijf gezond!

↑ Top of Page